Gedrag
De meeste hypofysetumoren zijn goedaardig (hypofyseadenomen). Ze variëren in grootte van kleine microtumoren die nauwelijks groeien tot grote tumoren die druk kunnen uitoefenen op naburige weefsels of deze binnendringen. Bovendien kunnen hypofysetumoren overmatig hormonen afscheiden.
In de adenohypofyse worden verschillende hormonen geproduceerd en uitgescheiden. Hypofysetumoren kunnen zowel functioneel (actief hormonen afscheiden) als niet-functioneel (geen hormoonsecretie) zijn. Bij honden is het meest gediagnosticeerde type hypofysetumor een adrenocorticotroop hormoon (ACTH)-afscheidende tumor. Het overmatig vrijgegeven ACTH zal aan de bijnieren een signaal geven dat ze meer cortisol moeten produceren. Deze ongecontroleerde en overmatige cortisolproductie staat bekend als hypercortisolisme of het syndroom van Cushing. In de meeste gevallen (~75%) wordt hypercortisolisme veroorzaakt door hypofysetumoren, wat hypofyse-afhankelijk hypercortisolisme (PDH) wordt genoemd. In 25% van de gevallen wordt hypercortisolisme veroorzaakt door bijniertumoren of bijnierdisfunctie, wat bijnierafhankelijk hypercortisolisme (ADH) wordt genoemd – hierover meer via bijnierschorstumoren.
Hypofysetumoren kunnen ook groeihormoon afscheiden. Deze zijn veel zeldzamer dan hypofysetumoren die ACTH afscheiden.
Voorkomen
PDH komt voor bij ongeveer 1 op 500 honden en vooral voor bij honden van middelbare tot oudere leeftijd. De prevalentie van (kleine) niet-functionele hypofysetumoren kan worden onderschat, omdat ze geen klinische symptomen veroorzaken.
Raspredispositie
Een hoger risico op het ontwikkelen van het syndroom van Cushing is gemeld voor de volgende rassen: bassethond, bichon frisé, borderterriër, teckel, Duitse herder, Ierse setter, dwergschnauzer, miniatuurpoedel en Yorkshire terrier.
Symptomen
De manifestatie van hypercortisolisme komt vaak traag op gang en de symptomen kunnen langzaam vorderen. De meest voorkomende klinische symptomen bij honden met PDH zijn overmatig eten en drinken, vaak plassen, spierzwakte, ophoping van vet in de buik, hijgen, progressieve bilaterale alopecia, dunner worden van de huid en slechte wondgenezing. Wanneer de hypofysetumor groot is, kan de druk uitgeoefend door de tumor op naburige hersenweefsel neurologische symptomen veroorzaken, zoals een gebrek aan eetlust, lethargie en veranderd gedrag.